Kroniek van een aangekondigde dood?

dinsdag 14 februari 2012

Bookmark and Share
Eind januari kwam de staatssecretaris Knapen met een 'Non-Paper' over de NGOs en internationale samenwerking. Non-paper is diplomatiek jargon voor een onofficieel regeringsstandpunt, maar in de NGO-kringen stond het al gauw voor "Nergens Over Nagedacht". De hoofdredacteur van ViceVersa, het vakblad voor ontwikkelingswerkers, had het in tien minuten uit en er een stukje van gemaakt. Hij vond het een "anticlimax… Er staat namelijk vrijwel helemaal niets in het non-paper van Knapen". Het is inderdaad een minder lijvig stuk dan de NGOs zelf graag het licht doen zien, maar er stond wel een heel belangrijke mededeling in: "voortzetting van het medefinancieringsstelsel na 2015 is niet langer vanzelfsprekend."

Dit stelsel was in 1965 van start gegaan en financierde van oorsprong een kartel van drie en later vier particuliere ontwikkelingsorganisaties: het neutrale Novib (nu Oxfam-Novib), het katholieke Cebemo (later Bilance en weer later Cordaid),  het protestants-christelijke ICCO en het later toegelaten humanistische Hivos.
In 1992 opende een voorloper van Agriterra de aanval door te pleiten voor medefinanciering op grond van sectoren of thema's in plaats van ideologie, onder de leuze 'naar een agrarische medefinanciering'. Agnes van Ardenne, toenmalig staatsecretaris voor ontwikkelingssamenwerking, zorgde ervoor dat die medefinanciering per thema in 2002 een feit werd. Nog weer later bracht ze alle medefinanciering onder één noemer in het stelsel dat nu dus weer ter discussie staat. Agriterra bleef buiten dat stelsel. Dus al hebben we als Agriterra formeel niks met het medefinancieringsstelsel, vanuit onze geschiedenis gezien, is het iets dat ons bezig houdt.

Er is meer. We lijken wel wat op medefinancieringsorganisaties. Kritiek daarop of ontwikkelingen in zulke organisaties kunnen dus ook leerzaam zijn voor ons. Agriterra keek bij haar totstandkoming haar diensten zoals financiering leveren, advies geven en draagvlakverbreding in eigen land af van respectievelijk de medefinancieringsorganisaties, PUM en NCDO. We combineerden dat vervolgens met een beleidskader waarin landbouworganisaties centraal kwamen te staan en samenwerking van boer-tot-boer en (coöperatief) bedrijf-tot-bedrijf de norm werd. Met deze benadering waren we absoluut voorlopers op iets wat nu veel wijdverbreider door ontwikkelingsorganisaties wordt nagestreefd. We hadden de voordelen van deze benadering gezien  bij boerenontwikkelingsorganisaties uit Zweden en Noorwegen. Met hen en andere vergelijkbare clubs die we inmiddels agri-agencies hadden gedoopt, vormden we later de koepel AgriCord. Maar dat terzijde.

Staatssecretaris Knapen nu duidt in zijn non-paper een aantal ontwikkelingen die volgens hem de medefinanciering minder vanzelfsprekend maken, zoals de vraag of NGOs wel nodig blijven om de ontwikkelingsdoelen te halen? Wat betekent het toenemend belang van andere financieringsbronnen voor de overheidsfinanciering aan NGOs en hun eigenstandige rol? Wat is het gevolg van alle nieuwe particuliere initiatieven? En van de opkomende NGOs in ontwikkelingslanden? Wat betekent het afbrokkelend maatschappelijk vertrouwen in internationale samenwerking? 

Nog belangrijker lijken me evenwel ontwikkelingen in de maatschappij en markt naar grotere economische integratie, toenemende onderlinge internationale afhankelijkheid, toenemende aansluiting van grote delen van de wereldbevolking bij de markt, grotere en betere beschikbaarheid van en toegang tot financiële middelen, grotere rol voor en meer mogelijkheden van lokale overheden in het bijzonder van middeninkomenlanden om ontwikkeling te stimuleren, het falen van de gift als instrument om ontwikkeling op gang te brengen ..… dat alles zet de klassieke rol van medefinancieringsorganisaties, dat is het overhevelen van geld van hier naar daar, onder druk.
En dat geldt dus ook voor Agriterra want tot nu toe besteedden we 70% van onze middelen aan directe giften aan boerenorganisaties (voor het andere deel huren we deskundigen in die kennis ter plekke brengen). Niet dat het herverdelen van inkomen en vermogen minder actueel is geworden, integendeel, maar wel is de invloed van de hulpstromen en in het bijzonder die van de NGOs daarop sterk tanende. Wij beraden ons op die financieringsfunctie en gaan in ieder geval met het ministerie op zoek naar aanvullende financieringsvormen naast de gift.

De NGO gemeenschap heeft na de publicatie van het non-paper zich vooral geconcentreerd op het geven van een serenade over de vermeende inhoudloosheid van het stuk. Daarbij lijkt de sector op 'het orkest van de Titanic' dat doorspeelde terwijl het schip zonk, een constatering die overigens al in 1993 werd gedaan door de Vlaamse journalist Dirk Barrez in zijn boek met die titel. Of nog meer op Santiago Nazar in de 'kroniek van een aangekondigde dood' (Gabriel García Márquez) als hij door het dorp loopt en iedereen die hem ontmoet niet begint over het vonnis dat weldra voltrokken zal worden. Men denkt dat hij het toch zelf ook wel zal weten en maatregelen zal nemen om zijn lot af te wenden. Niet dus.

 

Kees Blokland, directeur Agriterra

Bron: Agriterra

Nieuwslijst