Peru: van agrarisch producent naar agrarisch ondernemer

dinsdag 12 mei 2009

Bookmark and Share
Agriterra werkt al lange tijd samen met verschillende boerenorganisaties in Peru en ondersteunt hen bij het vergroten van hun lobby capaciteiten en het versterken van hun organisatiestructuren Tijdens een bezoek aan Peru begin april concludeert de voor de Andes regio nieuwe relatiebeheerder Cees van Rij dat de boeren zich sterker moeten positioneren als aantrekkelijke marktpartij.

Hoewel het in eerste instantie een kennismakingsbezoek is, heeft Van Rij ook nadrukkelijk gekeken naar de relevantie van de ondersteuning door Agriterra. Hoewel de armoede in Peru nog steeds groot is (30,6% van de bevolking moet met minder dan 2 dollar/dag zien rond te komen) lijkt de algemene tendens te zijn dat er minder ontwikkelingshulp naar Latijns Amerika gaat. Tegelijkertijd wordt het investeringsklimaat steeds aantrekkelijker.

In macro-economische zin gaat het namelijk goed met Peru, met goede groeicijfers in de afgelopen jaren. De Nederlandse ambassade in Lima onderschrijft dit en geeft aan dat de private sector zich sterk ontwikkelt. Tegelijkertijd is de klacht van veel boerenorganisaties dat de overheid niet of nauwelijks aandacht heeft voor kleinschalige landbouw. Er blijft een grote tegenstelling tussen arm en rijk en tussen het platteland en de stad. “In die zin is Peru een land met verschillende gezichten. In het plan van aanpak voor de crisis is er bijvoorbeeld nauwelijks aandacht voor de positie van landbouw”, vertelt Van Rij. Wel probeert men vanuit de overheid de `informele economie` te formaliseren. Een voorbeeld hiervan is het formeel vastleggen van landeigendom van kleine boeren. Het idee hierachter is dat een boer met eigendomsrechten krediet kan krijgen bij een bank en er dus kapitaal wordt gecreëerd.

De jarenlange inspanningen van Agriterra voor een betere lobbycapaciteit van de koffieproducenten, hebben er toe bijgedragen dat de overheid een kredietfonds heeft opgericht voor de renovatie van oude niet productieve koffieplantages. Is er dan nog wel hulp nodig voor Peru? Van Rij geeft aan dat nog te weinig organisaties zich met de markt bezighouden. “Ze kijken vooral vanuit de productie en hebben nog te weinig notie van de wensen van consumenten en de kansen in de markt. In Peru is nog een hele slag te maken van agrarische productie naar agrarisch ondernemerschap. Naar verwachting zal de vraag naar voedsel in de wereld de komende jaren alleen maar toenemen. Dit biedt grote kansen voor de boerenorganisaties. Dus daar is zeker nog werk aan de winkel voor Agriterra”, concludeert Van Rij.

Organisatieversterking blijft nodig maar dan vooral in relatie tot het stimuleren van coöperatief ondernemerschap  Van Rij ziet vooral kansen voor “Boerenorganisaties die bedrijven en coöperaties opzetten, zodat boeren hun producten beter / voor een betere prijs kunnen afzetten. Zodat er banen gecreëerd worden en er extra inkomsten gegeneerd worden”, voegt Van Rij toe. Agriterra kan dit  met name in het voortraject ondersteunen door middel van marktstudies, haalbaarheidsonderzoek, business planning en matchmaking met investeerders.


Van Rij kwam ook terug met een opdracht. Hij onderzoekt de mogelijkheden voor de verwerking en afzet van alpacawol in Europa. Hierbij doet hij een oproep voor suggesties, ideeën en mogelijk geïnteresseerde bedrijven.


Sanne van Oeveren
Agriterra nieuwsredactie

Source: Agriterra

Nieuwslijst