Werken aan een leefbaar platteland

vrijdag 8 mei 2009

Bookmark and Share
‘Wij vrouwen staan ’s morgens als eerste op en gaan als laatste weer naar bed. Wat dat betreft ben ik een echte ‘campesina’, aldus Juliana Espinoza. Zij is één van de oprichtsters van de Costaricaanse organisatie van plattelandsvrouwen, waar Passage al ruim tien jaar mee samenwerkt. Juliana Espinoza is een onvermoeibare en strijdbare vrouw, die zich niet neerlegt bij de bestaande situatie, maar zich inzet voor een beter bestaan op het platteland.

 ‘Ik heb zelf vijf jaar onderwijs gehad en moest als twaalfjarige gaan werken, omdat ik uit een arm gezin kom. Toen ik met mijn man getrouwd ben, hebben we om te kunnen leven een stuk grond bezet in het noorden van Costa Rica. Dat deden we samen met andere families en vervolgens hebben we actie gevoerd om de grond op onze naam te krijgen. Dat is in de loop van de jaren gelukt, mede dankzij een landhervormingswet. Mijn man en ik bezitten samen 14 hectare grond, waarvan 7 hectare op zijn naam staat en de andere helft op mijn naam. We wonen daar nog steeds met onze zes kinderen en nu ook kleinkinderen.’

Recht op grondbezit
‘Sinds ’78 ben ik actief in organisaties. Eerst waren dat gemengde organisaties, zowel van mannen als van vrouwen, maar omdat ik merkte dat vrouwen in gemengde organisaties niet voor vol aangezien werden, ben ik me gaan inzetten voor een eigen organisatie van ‘campesinas’ (plattelandsvrouwen) en hebben we de Coordinadora de Mujeres Campesinas (CMC), de nationale plattelandsvrouwenorganisatie in Costa Rica, opgericht. Wij vinden het erg belangrijk dat vrouwen de kans krijgen om uit hun achtergestelde positie te komen. De opvatting hier is namelijk dat vrouwen thuis horen te zijn, de zorg hebben voor de opvoeding van de kinderen en het huishouden doen. In Costa Rica hebben vrouwen wel recht op grondbezit, maar veel vrouwen zijn bang om voor hun rechten op te komen. Mannen vinden dat zij het voor het zeggen hebben en dat een vrouw onder zijn toezicht staat.’

Verandering kost tijd en strijd
‘Zelf ontdekte ik, ook toen ik actief was om het door ons bezette land te legaliseren, dat vrouwen zeker niet minder dan mannen zijn en dat is juist waar CMC zich voor inzet. Niet om dat op te dringen, wel om vrouwen de kans te geven zich te ontwikkelen en zelf bij te dragen aan het gezinsinkomen. En dat kost tijd en vraagt strijdbaarheid.
Mijn man was ook eerst een echte ‘macho’. Maar langzamerhand is dat veranderd. Nu helpt hij me veel, ook in het huishouden. Hij kan koken, maakt het huis schoon, strijkt en doet de was. Die verandering kwam ook omdat hij ontdekte dat wanneer ik wegging, ik niet zomaar wat op straat rondzwierf maar nuttige dingen deed. Hij is een paar keer mee geweest naar bijeenkomsten van CMC en merkte dat wij ons inzetten voor de verbetering van het leven van vrouwen op het platteland, dus ook voor de hele familie. Toen we met projecten begonnen, had ik nog minder tijd voor het huishouden. Dat was wel even wennen voor hem en trouwens ook voor mijn kinderen. Maar wanneer ik thuis ben, hebben we het heel gezellig met elkaar. Hij is trots op me en ook ons gezin is erop vooruit gegaan. We hebben vee, doen het nodige aan biologische teelt en dankzij het kippenproject van CMC hebben we eieren voor eigen gebruik en kunnen er ook nog wat van verkopen.’

‘Mijn droom is dat mijn kinderen hier in Costa Rica een goed bestaan kunnen opbouwen en niet gaan emigreren naar de VS of Spanje. Dat zij zullen doorgaan met het zaaien en oogsten van deze grond die we al zoveel jaren bewerken. Die droom hebben ook veel andere vrouwen en zo hopen we als CMC een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van Costa Rica.’

Source: Agriterra

Nieuwslijst